Terug op reis (7)

Zaterdag 2 april:

We starten onze tour langs de kust met al een stop op het eerste strand dat we tegenkomen, daar tegenover ligt een fraai afgegraven voor een parking en daarna geërodeerde heuvel.

img_20220402_092137-collage

Bedoeling was om de kust een heel eind te volgen langs een fiets/wandelweg. Alleen als we aan het begin ervan komen zien we al vanuit de hoogte dat de weg afgesloten is. Bruno moet dat van dichterbij gaan bekijken, ik blijf boven. Weeral een klim gespaard, ik wist het nog niet maar er zouden er die dag nog genoeg volgen. Geen haar op mijn hoofd trouwens dat eraan denkt om een weg te nemen waarvoor ze de moeite gedaan hebben om die af te sluiten met een hekken en politielinten. De reden van de afsluiting is vallende rotsen. Een mens moet het niet zoeken zeker?

Meteen wordt de beoogde rit van de dag ettelijke kilometers langer. Op dat moment niet erg, we zijn nog fris en de streek is ook erg mooi. Voor deze oude finca met aan de andere kant van de weg restanten van een molen stoppen we graag even.

img_20220402_112747-collage

We fietsen nu echt in de figuurlijke lochting van Spanje. Honderden vierkante meters serres passeren we en in open lucht kleuren de velden frisgroen tot rood van de sla.

Zoals je ziet op de foto’s is het zonnig, maar er is helaas ook veel wind.

img_20220402_111746-collage

Eén van de weinige dorpen die we tegenkomen is Pulpi. We stoppen uiteraard. Alleen water dat we bijhebben mag ook wel eens iets anders zijn. We hadden geld gegeven voor een ijsje, maar dat vonden we helaas niet op het kerkpleintje.

Doorheen het dorp hangen allemaal mooi geschilderde dames.

img_20220402_144848-collage

Door de veel grotere afstand die we moeten doen, moet er ook zuinig omgesprongen worden met onze batterijen. Dat wil zeggen dat Bruno de hele rit in de eerste stand rijdt, en dat ik bergop maximum tot twee kan gaan. Té lastig voor mijn belabberde conditie. 

Als we op het einde van de rit nog wat moeten zoeken om ons hotel te vinden breek ik een beetje. Het is teveel en te ver, ik trek het niet meer. Wat een ontspannende reis moet zijn is op dat moment een werkkamp

Bruno rijdt het laatste stuk al zonder batterij, de mijne valt uit aan de oprit van het hotel. We hebben 110.50 km op de teller. Ik heb geen puf meer om het hotel nog te verlaten, Bruno loopt nog eens tot aan het strand waar we zicht op hebben vanuit onze kamer. Voor mij is een lang bad de oplossing om wat te bekomen. Het feit dat we in het hotel kunnen eten is ook een meevaller. Dat het eten in buffetvorm is en dat er weinig gasten zijn ook.

Er wordt nog een hotel gezocht voor de dag nadien, op een afstand die veel beter behapbaar is.

Zondag 3 april: 

Een mooie zonsopgang verblijdt ons bij het ontwaken. Dat doet deugd aan de mensch zijn ziel.

img_20220403_074444

Zoveel deugd dat we na het ontbijt al snel weer vertrekken. Ik vond weer moed met het vooruitzicht van een kortere tocht en een motor die power mocht geven als we klommen. En het werd een mooie tocht met door de hoogteverschillen veel mooie vergezichten. Het zicht van de dag zal dit wel geweest zijn:

img_20220403_112648

Heel die afdaling hebben we dus na eerst te stijgen ook mogen maken. Niet te snel in de bochten, want de zijwind is niet te onderschatten.

Van de bergpassen naar een file zoals je ze in Ierland ziet, het kon ook die dag.

img_20220403_141204-collage

Je kan ook niet in het land van Cervantes zijn zonder minstens één intacte molen op foto te hebben. We stopten graag voor deze.

molen

 

De flora onderweg in de bermen was die dag eerder rooskleurig te noemen.

img_20220402_115444-collage

Ons uiteindelijke doel was Rodalquilar. Ons hotel lag een eindje voor het dorp. Toen Bruno vroeg of ik nog eens meefietste naar ”t prochietje’ vroeg ik me eerst af of ik weer niet genoeg gefietst had die dag. Maar ik fietste toch mee en daar kreeg ik geen spijt van.

Er werd daar in 1920 goud gevonden. Dat resulteerde in mijnbouw en dus werkgelegenheid en volk dat er kwam wonen. Tegen de jaren ’60 stopte de activiteit, liep het dorp leeg en raakten de huizen in verval.

img_20220403_175956-collage

Ik mocht alleen terug fietsen naar het hotel. Bruno reed nog de helling op, op zoek naar een achtergebleven ‘broksje’. De golddigger!

Kilometers op de teller die dag: 73.85.

23 reacties

  1. Zo’n mooie zonsopgang zag ik nog nooit. De bol brengt nieuwe energie. De streek daar is heel mooi, en je overwon heel veel kilometers én vooral wellicht hoogtemeters. Een hele prestatie. Het moeten beperken van batterijgebruik zou ik lastig vinden.

    Like

  2. Oh, zo op ’t nippertje rijden … zal ik het nog halen … zenuwslopend!
    Jullie deden nogal kilometers zeg. Na 110 km zou ik dood neervallen denk ik (en geen achterste meer hebben).

    Like

  3. Het is heel lastig als de afstand niet klopt met de fietskracht die je hebt. Het verschil tussen man en vrouw qua spierkracht en aanpak komt dan ook boven. Wel mooie beelden van je tocht maar genieten en minder ver had meer deugd gedaan.

    Like

  4. Wát een vergezichten, wát een super zonsopkomst. Potdorie, dáár doe je het voor. Afzien en driedubbel genieten, van het ene uiterste in het andere… Respect voor jou!

    Like

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit /  Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit /  Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit /  Bijwerken )

Verbinden met %s